Hey Tjeerd,
Ik las je post en ik snap je frustratie - en tegelijkertijd ook niet.
Wie full time wil schrijven, moet lijden. Dat is de werkelijkheid waar alle auteurs genoegen mee nemen. Omdat ze er genoegen mee nemen, verandert er niets. Gratis een stukje hier - voor de publiciteit. Voor een fooi daar - voor de publiciteit. De idioten onder ons, accepteren het, in de hoop door te breken met een tv-programma of wat dan ook. Dat betaalt namelijk wél de rekeningen. Denk je dat Marcel van de Vara, shit, de alzheimer slaat toe, die creep van wie ik niet op de achternaam kan komen, de man van Eva Hoeke - dat die met zijn schrijvelarij zijn huis kon betalen? Laat staan z’n leven? Daar moest een carrièreswitch bij Talpa aan te pas komen. En de verkoop van een huisje elders en wie weet nog een erfenis. Dat zijn vrouw eruit werd gebonjourd bij de Volkskrant bleek waarschijnlijk een zegen want met haar krantenfame durf ik te wedden dat die drie keer modaal bij elkaar schrijft - eindelijk. ONLINE - het kan dus wel. De hopeloos idealisten ploeteren voort - waarom weet ik niet.
Serieus niet.
Werk leveren waarvan je de rekeningen niet kunt betalen, daar word je ongelukkig van. Hoe geweldig je hobby ook is. Als alle auteurs zouden weigeren voor die fooi te werken, zou het voor iedereen beter worden. Maar die loyaliteit, die bestaat niet. Die logica ontbreekt. Mediabaasjes zijn varianten op Hugo de Jonge: verdeel en heers, speel ze tegen elkaar uit. ‘Voor jou tig anderen’ - nou dan kies je maar voor de anderen. Ik weet nog dat ik gebeld werd door een eindredacteur, jaar of 20 geleden zal het geweest zijn. Of ik mijn werk gratis wilde aanleveren voor zijn Publieke Omroep site. ‘Is goed voor je,’ stelde hij. Heb je een gaatje in je hoofd, vroeg ik. ‘De dag dat jij gratis werkt, wil ik het overwegen. Niet eerder.’ Of die keer dat ze me bij Pauw en Witteman € 700,- wilden betalen i.p.v. € 2500,- wat de mannen en Peter R de Vries kregen. Ik vertik het gewoon. Als je dat maar lang genoeg volhoudt, is je publieke media schrijfcarriére wel voorbij. Er zijn mensen die dan zeggen ‘ja maar jij, jij kunt je dat permitteren!’. Niemand kan zich dat permitteren. Ik heb ingeleverd op álle fronten, heb m’n leven aangepast en heb een andere passie afgestoft. Als manloze vrouw die het al haar hele leven lang alles zelf financiert, kijk ik jaloers naar degenen die het schrijven als hobby kunnen doen omdat hun partner de hypotheek betaalt en de markt voor de professionals verpesten. Alleen amateurs schrijven voor een fooi.
Jouw doorzettingsvermogen bewonder ik, je frustratie snap ik maar de manier waarop je ermee omgaat heb ik nooit begrepen. Er is een wereld buiten de publieksmedia, je hebt zelfs een andere wereld buiten de media geopend voor jezelf. Dat is razendknap en ik zou willen dat je daar meer van zou kunnen genieten. Dat je je daar misschien met meer passie en focus op kunt storten zodat die andere hobby, schrijven, weer leuk wordt. En misschien zie ik het verkeerd en word je nu boos op me: we kennen elkaar lang genoeg, je weet precies hoe ik hier insta. Ik gun je een carrière als auteur. Je bent beter dan die mompelende Turk uit Deventer, je ziet er beter uit dan de man van Eva Hoeke en je bent ondernemender dan alle gratis stukjestikkers bij elkaar. Neem je rust. Kom op adem. Herpak jezelf. En dan zien we je weer terug. Omdat je het leuk vindt, niet omdat je jezelf moet bewijzen. Dank voor deze wekelijkse hobby, ik vond het prettig om te weten dat er tenminste iemand op me zat te wachten. Nogmaals dank! En take care.
Eeb,
Ik, boos worden, op jou? Dat zie ik nooit gebeuren. Wel ga ik je even corrigeren, want zeggen dat het een hobby is stuit me tegen de borst. Het is een professie. Zowel het schrijven van boeken an sich, de journalistieke werken en ja, ook publiceren op Substack. En dat alles onder de vleugels van mijn uitgeverij, wat in professionaliteit in niets onder doet voor een grachtengordeluitgeverij.
Behalve, in alles, het banksaldo én de zichtbaarheid. Maar de hoogte van de verdiensten zeggen niets over de kwaliteit van het werk, of over de intentie en professionaliteit ervan. En lijden doe ik, durf ik wel te zeggen, al vanaf dat ik fulltime schrijf, inmiddels al zo’n 15 jaar.
Overigens, ook jij ziet schrijven niet als een hobby, daarom is het ook dat wij allebei niet voor een grijpstuiver zwichten voor schandalige aanbiedingen. Pauw en Witteman, gratis stukjes tikken voor je zichtbaarheid, wij doen dat allebei niet, want we zijn goed en we zijn profi. Daar ageer ik trouwens ook al jaren tegen, de schandalige verdienmodellen in de boekenbranche. Hier, en hier.
De publieksmedia hebben we alleen wel nodig om, in dit geval, mijn boeken onder de aandacht te krijgen. En waar die matennaaiende lispel-Turk uit Deventer elke tv-aanbieding aanneemt, daar ben ik kieskeuriger. Is dat slim? Waarschijnlijk niet. Laatstelijk ben ik dus weer benaderd door een redactie om mee te doen aan een programma: Winter vol liefde, I kid you not. Ik heb vriendelijk bedankt. Op tv wil ik best verschijnen, maar dan wel vanwege mijn boeken.
En verder, dank, voor je lieve woorden. Want ik heb zeker een wereld buiten de schrijverij. Net als jij. En dat hebben dan ook echt gedaan op eigen kracht. Door keihard te werken. De lezer die mijn stuk waar jij aan refereert niet heeft gelezen vraagt zich nu inmiddels wel af waar we het nou eigenlijk over hebben.
Welnu, een jaar of twee geleden deed ik het ook al eens, er een paar maanden tussenuit piepen waar het ‘de schrijverij’ betreft.
Wegens ultieme vermoeidheid, verbitterde teleurstelling en het vechten tegen de bierkaai. Toen kwam er toch weer een nieuw boek. Tossa. En nog één. Yasmina. En nog wat andere schrijfprojecten. En Substack, waarvan dit epistel met Ebru het 245e stuk is.
Maar toch piep ik er weer even tussenuit. Wegens ultieme vermoeidheid, verbitterde teleurstelling en het vechten tegen de bierkaai.
Het is namelijk schrijven tegen de klippen op. Zowel hier op Substack waar de groei zo gestaag is als een teruglopende klok, alsook in ‘s lands boekenbranche waar ik noestig probeer mijn boeken en nu specifiek mijn nieuwste boek Yasmina onder de aandacht probeer te brengen, maar wat nog altijd een hopeloze verspilling van tijd, energie en heel veel geld blijkt te zijn.
Gewoon even een paar maanden weg uit die slangenkuil. En ik, we, komen uiteraard weer terug. Soms is een pauze gewoon even nodig. En dat is nu.
Voor nu, lieve lezers, dank voor jullie vertrouwen, voor het lezen van mijn en onze supstekkies, mijn boeken, het gluren op mijn Instagram en zoals ze in Oostenrijk plachten te zeggen - wir sehen uns wenn wir uns sehen.
Enne, Eeb, hiermee vat je bovenstaande eigenlijk wel samen: ‘Omdat je het leuk vindt, niet omdat je jezelf moet bewijzen.’
Alle betaalde abonnementen hebben we voor onbepaalde tijd on hold gezet, zodat er geen geld wordt afgeschreven.



