Willekeurige willekeur
Een beschouwing op mijn eigen hypocrisie waar het dierenleed betreft
We staan in het kleine berghutje, te wachten tot de volgende dorpsgenoot een biertje komt bestellen, en mijn collega probeert een vlieg dood te slaan.
“Doe ‘s niet,” zeg ik. “Laat dat beest gewoon lekker leven.”
Het doet me denken aan die keer dat een ander in mijn nabijheid achteloos een mier dooddrukte.
Ik snap die nonchalance over het doden van een leven wezen oprecht niet.
“Het is toch maar een irritante vlieg?” reageert hij.
“Als hier een hond een beetje irritant staat te blaffen, schop je die toch ook niet gelijk dood?”
“Dat is anders.”
“Dat is anders inderdaad, maar zou het niet moeten zijn.”
Als er bij de bar een kevertje in de waterbak van de honden ligt te spartelen op weg naar zijn naderende verdrinkingsdood, haal ik die uit het water en zet ik hem op het droge. Vliegt een bromvlieg zich bijkans dood tegen de binnenkant van het raam in de woonkamer, dan pak ik een glas, vang ik hem en zet ik hem buiten.
Sla ik muggen dood? Ja, dat wel, maar met gewetensbezwaren. Al praat ik dat voor mezelf goed door te stellen dat het beest mij aanviel en dat op dat moment het recht van de sterkste geldt en de sterkste dat ben ik.
Wat ik nog steeds niet te bevatten vind, is hoe wij met dieren omgaan. Neem het voorbeeld van die irritant blaffende hond. Stel dat ik die een schop geef. (zou ik nooit doen, maar in het hypothetische geval dát) Dan ben ik strafbaar. Ook ben ik strafbaar wanneer ik teveel honden en katten en vogels in mijn kleine woonkamertje zou houden. Dan zou ik zo’n nieuwsbericht zijn waarin verslag wordt gedaan van een verwaarloosde woning met teveel dieren opeen gepakt.
In Nederland zijn de straffen voor dierenmishandeling de laatste jaren aangescherpt.
Gevangenisstraf: maximaal 3 jaar bij ernstige dierenmishandeling of dierenverwaarlozing.
Geldboete: afhankelijk van de ernst kan die oplopen tot tienduizenden euro’s.
Taakstraf: wordt regelmatig opgelegd, al dan niet in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf.
Verbod op het houden van dieren: de rechter kan iemand voor een bepaalde tijd of levenslang verbieden om dieren te houden.
Inbeslagname van dieren: de autoriteiten kunnen mishandelde of ernstig verwaarloosde dieren weghalen bij de eigenaar.
Als de mishandeling leidt tot de dood van het dier of sprake is van langdurig ernstig lijden, zal de rechter dat doorgaans zwaarder meewegen. Ook recidive (herhaling) leidt vaak tot een hogere straf.
Bron: Wetten.nl/Openbaar Ministerie
Anderzijds is het dan wel weer toegestaan om megastallen te bouwen en vol te proppen met dieren. Een dier langdurig laten lijden met de dood tot gevolg is dus strafbaar, tenzij dat dier als hamburger op je bbq eindigt, dan mag het van Vadertje Staat.
Hoe kan het dat, en ik citeer hier Eva De Vor, “in landen als Frankrijk en Spanje in de onbewoonde wereld, ver afgelegen van ieders oog, grote dierenfabrieken kunnen bestaan? Tienduizenden veedieren ver van de bewoonde wereld, achter gesloten deuren. Het vlees moet toch ergens vandaan komen.
Mijn man fietste een aantal jaren geleden twee keer van Spanje naar Nederland en weer terug. Heuse lege vlaktes waar kilometers lang geen levende ziel te bekennen viel, alleen maar de reusachtige veefabrieken waarvan de stank verried dat daarbinnen vele dieren moesten zijn. Een stank van zurige melk gemengd met ontlasting. Grote silo’s om de dieren te voeden. Geen enkel dier buiten. Hun leven louter voor de productie, voor menselijke consumptie, achter gesloten deuren. Ik vroeg hem toen foto’s te nemen. De beelden deden me denken aan concentratiekampen, massaal, ver weg uit het zicht, geen haan die naar de dieren kraait. Geen uitbuiting van mensen, maar van veedieren, ‘veestapel’ zoals dat zo oneerbiedig klinkt. Deze dodelijke uitbuiting heeft een vernietigende geur.
Is dat het, waardoor het oké is dat zeugen in nauwe kraamkooien zonder zich te kunnen bewegen, gehouden worden en dat we toestaan dat er geen bescherming is tegen het onverdoofd afsnijden en afbranden van dierlijke lichaamsdelen, ondanks Nederlandse regelgeving die dat verbiedt? Dat we varkens laten opjagen met stroomstoten omdat ze niet snel genoeg de wagens ingaan op weg naar hun slachting? Dat we kalveren na de geboorte scheiden van hun moeder en dat zij met machines aan haar uiers uitgemolken wordt totdat ze naar het slachthuis moet? Dat we onze schouders ophalen als zeedieren met tienduizenden in een net naar lucht happen totdat ze neergesmeten worden op een kille vloer van een industriële boot op weg om verhandeld te worden?
“Gisteren reed ik van Nederland door België en Frankrijk. Onderweg kwam ik een vrachtwagen tegen die volgepakt was met biggen van zo’n zes maanden, schat ik. Het was heet. Deze vrachtwagen heeft mij 800 kilometer vergezeld. Iedere keer dat ik de varkens zag, moest ik huilen en voelde me zo machteloos. Hoe lang deze dieren uiteindelijk in deze helse vrachtwagen hebben moeten doorbrengen weet ik niet. Misschien wel tot in Spanje zodat ze daar geslacht worden en dan mag hun vlees opeens Iberisch genoemd worden. De stank die van deze auto afkwam was ondraaglijk, de stank van angst en lijden.” De woorden van ene Isabella op Facebook. Het hadden de mijne kunnen zijn.”
Misselijkmakende hypocrisie
Wanneer ik op de snelweg voorbij een vrachtwagen met daarin levende dieren op weg naar de slacht zie, keer ik mijn hoofd af. Ik kan het niet aanzien. Het besef dat ze een verschrikkelijk leven hebben geleid en nu op weg zijn naar hun machinale dood, maakt me misselijk en verdrietig.
Iedere keer dat ik de varkens zag, moest ik huilen en voelde me zo machteloos.
Tegelijkertijd voedt dit mijn zelfhaat, want ik ben zelf zo'n hypocriet die (nog steeds) vlees en vis eet. Met mate, bewust en als het kan lokaal, maar dat zijn pleisters op de hypocriete wonde die ik maar wat graag hardop uitspreek om mijn eigen falen en huichelarij te maskeren.
In mijn bergdorp wordt er gejaagd, met name vanwege natuurbeheer en populatieredenen, maar hebben de dieren die geschoten worden een prachtig leven (gehad) in de vrije natuur, lopen de schapen en koeien van de bergboeren de hele zomer vrij op de alm en… nou ja… kijk…
Ze worden nog steeds gedood, hè.
Het zijn de goedmakertjes, het sussende “ze hebben een mooi leven gehad”, en dat hebben ze ook echt, die ik mezelf aanpraat, om het goed te praten dat we dieren doden om te eten. Het is de natuur, eten of gegeten worden. Al is dat laatste natuurlijk niet aan de orde, hoewel ik groot voorstander van zowel de wolf als de beer in de vrije natuur ben. (de beer is inmiddels op zo’n 200km. van mijn bergdorp gespot) Collateral damage wat mij betreft als er dan af en toe een ander levend wezen sneuvelt. Iesch natoer!
Ik vind het bovenal een lastige gewetensstrijd. Vlees uit megastallen van dieren die een verschrikkelijk leven hebben gehad eet ik niet. Daar wil ik niet aan meewerken. Hertensalami van een geschoten hert uit het woud achter mijn huis… ja, heerlijk. Goed leven gehad ook, ja toch, niet dan. Terwijl ik de reetjes en de bokjes en de edelherten ook zo graag spot in het wild of op mijn wildcamera, levend.
Met religie heb ik niets, maar in het dorp wordt er natuurlijk ook aan de St. Hubertusviering gedaan, de beschermheilige van de jacht. Het toont een soort eerbied aan het (geschoten) wild, of tenminste geeft het blijk van enig respect voor het dier. Maar goed, aan het eind van de dag is er nog steeds onnoemelijk veel dierenleed aangericht, want ook jagers zijn net mensen en als je net een paar centimeter te laag schiet, ligt het aangeschoten wild te creperen van de pijn terwijl er een jachthond aan zijn poot ligt te knagen.
Vlees- en visconsumptie komt linksom of rechtsom altijd met leed en pijn om de hoek kijken. Is het een beter, of minder erg, dan het ander? Ja, toch wel. Geschoten wild heeft ook echt een goed leven gehad voor het gedood wordt. Maar megastallen en veefabrieken zouden echt bij wet verboden moeten worden. Plezierjacht idem. Sowieso, als je plezier haalt uit het bewust doden van een levend wezen, vertoon je wat mij betreft tekenen van een psychopathische persoonlijkheidsstoornis. Dat geldt trouwens ook voor wetenschappers die zonder met hun ogen te knipperen op maandagochtend weer fris en fruitig hun proeven op die lieve Beagle hondjes uitvoeren, of op ratten en muizen en wat al niet meer. Dierenmishandeling is een belangrijk waarschuwingssignaal voor psychopathie, zoösadisme en toekomstig gewelddadig gedrag tegen mensen, en een wetenschappelijk sausje doet daar wat mij betreft niets aan af. Nu is niet elke wetenschapper die doelbewust een Beagle vergiftigt in naam van de wetenschap een toekomstig seriemoordenaar, maar ik hoef ze niet in mijn vriendenkring te hebben.
Vanwaar deze overpeinzing vraagt u zich wellicht af. Welnu, gister zat ik 14 uur in de auto en heb ik onderweg een BigMac gegeten. Niet alleen stemde de hoeveelheid moddervette zombies die die bagger naar werken me somber, liet het me beseffen dat het einde van het onnoemelijke dierenleed dat wij veroorzaken nog mijlenver weg ligt, maar was ook de zelfhaat die ik voelde niet van de lucht.
Reminder voor mezelf: ik ben nu zo’n beetje op de helft van mijn leven, of volgens de statistieken er al overheen, laat 26 juli 2026 de laatste dag zijn geweest waarop ik heb meegewerkt aan een systeem dat op industriële schaal dieren laat lijden en doden.
En zonder al te stichtelijk te willen zijn, ik hoop dat ook u zich tenminste bewust bent van het leed achter het stukje vlees dat u deze zomer weer op de Big Green Egg dropt, terwijl Rakker lekker door het gras stuift en Garfield op de bank ligt te spinnen.
Want de willekeurige willekeur die wij mensen laten zien waar het de omgang met dieren betreft, is bijkans schizofreen.
Een kop koffie is ook altijd welkom!
Een zelfgekozen bedrag als losse donatie doen kan hier, met een directe overboeking naar NL70 BUNQ 2076 5623 89 t.n.v. Tjeerds Brainfarts onder vermelding van je mailadres of door op het BUNQ-logo te klikken. Natuurlijk krijg je bij een losse donatie ook - tijdelijk naar rato - toegang tot betaalde content.
Los doneren via PayPal of Stripe is ook mogelijk. (NB.: PayPal leidt je naar een donatiepagina op naam van mijn uitgeverij, Jalapeño Books)
Ook tof, waar je zelf nóg blijer van wordt, is door een boek van me te kopen!
Yasmina is een jonge Iraanse vrouw die gevangenzit in de beruchte Evin-gevangenis in Teheran. Haar celgenoot is Jale, een oudere vrouw die Yasmina de martelingen, de vernederingen en de bijtende onzekerheid even doet vergeten door ’s nachts de oude sprookjes uit Duizend-en-een-nacht te vertellen.
Jale is een begenadigd chroniqueur, die de sprookjes uit Perzië, Babylonië en het oude Egypte volmaakt met haar eigen ideeën en fantasieën. De fabelachtige verhalen vormen de basis van een warme vriendschap en diepe verbondenheid tussen de twee vrouwen.
Jale groeide op in het Iran van voor 1979, Yasmina werd geboren tijdens de Perzische Golfoorlog begin jaren negentig. Twee vrouwen met een verschillende geschiedenis, maar met één gewenste toekomst: een vrije.
‘Yasmina vertelt een diep ontroerend en betekenisvol verhaal. We waarderen wat je doet om dergelijke verhalen met de wereld te delen.’ ~ Narges Foundation









Mooi stuk! Helemaal vegan leven is niet altijd makkelijk maar elke poging in die richting is er één. 😊
Dank je wel Tjeerd. Prachtig en zo’n oprecht stuk! Helemaal naar mijn hart. Het begint bij bewustzijn. Bij mij is het hele reis geweest. Eerst vegetariër en daarna, na nog meer kennis vergaard te hebben, vegan. Althans, de eieren van mijn kippen eet ik wel en af en toe een uitzondering met zuivel, dus niet heel rigide, maar nooit meer vlees en vis (ik kan het gewoon niet meer). Nogmaals bedankt! Hoe meer mensen stilstaan bij dierenleed hoe beter de wereld waarschijnlijk ook wordt (de idealist in mij spreekt weer;) .